Walvis Presley

Uit de badkamer moet zo'n roodaangelopen gekreun en gevloek hebben geklonken, dat mijn vrouw verontrust de deur openzwaaide. 'Lukt het een beetje!?' vroeg ze terwijl ze me half ontkleed zag staan. Nee, het lukte niet. Wat ik ook probeerde, ik kreeg mijn leren motorjack en broek niet meer aan. 'Hoe kan dat nou? Gisteren heb je er nog mee gereden', merkte ze op. Dat was waar, maar nu had ik voor het eerst sinds mei de binnenvoeringen er weer ingeritst. Dat was de druppel die deze goed gevulde emmer deed overlopen.

Na veel woest geruk kreeg ik mijn jack toch nog dicht. Maar, zo verzekerde mijn vrouw, ik zag er nu uit als zwarte rookworst. En door de krapte had ik de motoriek van Frankenstein. Dat was toch niet mijn bedoeling geweest toen ik dat mooie Franse retrojack kocht. Een motorrijder lijkt nu eenmaal liever op een jonge rockgod dan op een uit de dood herrezen bratwurst. Maar de spiegel toonde het tegenovergestelde. Ik voelde me oud en dik.

De eerstvolgende zaterdagmiddag gingen we naar het motorpaleis om een nieuw pak te zoeken. Een pak dat jong en minder buikig maakt en die vette kont verbergt. Omdat ik zelf nog nooit met de goede kleding in de juiste maat ben thuisgekomen, liet ik het initiatief over aan mijn vrouw. Zij heeft er verstand van en bovendien kun je maar beter een pak hebben dat bij vrouwen in de smaak, nietwaar?

Als eerste trok ze een zwarte Rukka uit het rek. 'Dit is een mooie! Probeer deze eens.'
'We wonen in Den Haag! Daar ga je niet met Rukka op je rug rondrijden', protesteerde ik. 'Dan kan je nog beter met grote letters 'Flapdrol' op je rug zetten.'

We bekeken een aantal andere textielpakken. Met de meeste maakte mijn vrouw korte metten. 'Ambtenarenpak!', zei de over de ene. 'Hierin komen Jehova's aan de deur,' vond ze van de andere. 'Alleen een bijpassende stropdas ontbreekt nog. Dit is toch allemaal niet stoer? Een rocker zou dit nooit aantrekken.'

We snelden naar de afdeling leer, waar mijn vrouw een peperdure racecombi uit het rek viste. Mooi ding wel. Maar nadat ik me in maatje xxxl had gehesen, schaterde ze het uit. 'Knokkelknieën, een hangkont en een bochel op je rug. Je lijkt wel 85 in dat pak. Verkopen ze hier nou motorfietsen of rollators?'

Haar oog viel daarna op een wildromantische lederen campingsmoking zonder onzin. Hij deed een beetje pijn aan mijn ogen, maar gehoorzaam maakte ik de gang naar het pashokje. Toen ik eruit kwam, zei ze net iets te hard: 'Mooi hoor. Je lijkt wel Elvis Presley in dit pak!'

Een klant die dat hoorde, zei: 'Walvis Presley zul je bedoelen.' Ergens in de buurt van de kassa hoorde ik gegiechel.

Ik heb uiteindelijk maar geen pak gekocht die middag. Wel een fitnessapparaat bij de Kijkshop.

Jan Dirk Onrust