Dovrefjell
Ik daal af naar de grote E6 en rijd door naar Hjerkin. Hier ligt het volgende fantastische nationale park: de Dovrefjell. En opnieuw scheert er een onverharde weg langs, deze keer aan de oostkant. Vijftig kilometer weidsheid langs wilde beekjes, stompe bergreuzen en een meer. Vrijwel geen verkeer hier en bijna geen schapen. Wel koeien, volgens een waarschuwingsbord. Met veel geluk, of pech, zou je hier zelfs muskusossen kunnen tegenkomen, want op de Dovrefjell leven een paar grote kuddes.
De grusveg ligt er op de hoogste stukken zo prachtig bij en het zicht is zo open dat ik de 120 km/u kan aantikken. Maar halverwege wordt de weg iets lastiger. Vrij veel bochten, korte heuvels, gaten en sporen in het wegdek, vaak gevuld met water. De KTM trekt er moeiteloos doorheen, maar op een normale toerfiets zou ik hier voorzichtiger zijn.
Aan het eind van de middag daal ik weer naar het asfalt af. Maar ik heb nog genoeg tijd over om enkele kilometers verder het gravelweggetje van 20 km naar Savalen in te duiken. Hier vooral bos, met huisjes en een meer. Ooit lag hier een wonderschaatsbaan, waar Eric Heiden twee keer een wereldrecord reed. Verder is het eigenlijk geen omweg waard.